Gedragscode

 

Inleiding

De zorg voor een veilige omgeving bij tennisvereniging ATC Wijhe is essentieel om een situatie te scheppen waarin alle leden vrijuit en ongestoord kunnen sporten. Sportbeoefening en sportbeleving behoren prettig te zijn. Het bestuur van ATC Wijhe heeft daarom deze gedragscode opgesteld om duidelijk te maken welke omgangsvormen men wenst te zien binnen de eigen vereniging, maar ook in omgang met andere clubs en verenigingen. Een onderdeel van een veilige sportomgeving zijn maatregelen om seksuele intimidatie te voorkomen. Daarom hebben we voor ATC Wijhe specifieke gedragsregels en preventiemaatregelen opgesteld ten bate van alle leden en specifiek voor de bescherming van onze jeugdleden. Het doel van deze gedragscode is om bruikbare regels te geven voor de gewenste omgang of gewenst gedrag voor alle betrokkenen binnen ATC Wijhe. Deze regels moeten bijdragen aan een gezonde sportomgeving en sportsfeer, een respectvolle onderlinge omgang met elkaar en het voorkomen van ongewenst gedrag.

Uitgangspunten

De oprechte wensen en de belangen van een lid hebben voorrang boven de wensen en belangen van de bestuursleden en/of trainers, mits niet in strijd met de statuten of huishoudelijk reglement. Respectvolle onderlinge omgang wordt nagestreefd. Bestuursleden, (assistent)trainers, begeleiders en het vrijwilligerskader geven daarbij het goede voorbeeld. Onder ongewenst gedrag verstaan we alle vormen van intimidatie, agressie en geweld, discriminatie of pesten. Van ongewenst gedrag kan zowel sprake zijn bij direct contact als bij contact via communicatiemiddelen als telefoon, internet, e-mail, sociale media, etc. Om te bepalen of er sprake is van ongewenst gedrag wordt niet uitgegaan van de bedoelingen van de veroorzaker, maar van de wijze waarop het gedrag overkomt bij de persoon die het ondergaat. Mensen hebben het recht om zelf hun grenzen te stellen in de omgang met elkaar.

Gedragsregels

Algemene gedragsregels:

  1. Respecteer de privacy van je clubleden in ruime zin
  2. Ga op een respectvolle manier met elkaar om.
  3. Onthoud je van ongewenst gedrag zoals schelden, grof taalgebruik, irriteren, geweld, discriminatie, pesten, seksuele intimidatie en andere vormen van (verbale) agressie.
  4. Ongewenst gedrag kan gemeld worden bij de vertrouwens(contact)persoon.
  5. Meld ongewenst gedrag ook als het onbedoeld door jezelf is veroorzaakt.
  6. Bij wangedrag van jeugdleden worden direct de ouders geïnformeerd.
  7. Gebruik de accommodatie en materialen zoals dat bedoeld is.
  8. Heb respect voor de vertrouwelijkheid van informatie die je krijgt van de vereniging.
  9. Draag de gedragscode ook uit naar o.a. toeschouwers, ouders, etc.
  10. Ook buiten het eigen tennispark ben je een ambassadeur van de club. Zorg ervoor dat je de club op een sportieve en correcte wijze vertegenwoordigt.

Specifieke regels voor trainers en begeleiders:

  1. Zorg voor een omgeving waarin de sporter zich fysiek en emotioneel veilig voelt.
  2. Leer de leden dat spelregels afspraken zijn waar niemand zich aan mag onttrekken.
  3. Je hebt een voorbeeldfunctie.
  4. Bedenk dat leden voor hun plezier sporten en iets willen leren. Winnen is slechts een onderdeel van de sport, verliezen trouwens ook.
  5. Schreeuw niet en maak de leden nooit belachelijk als zij fouten maken of een wedstrijd verliezen.
  6. Sporters hebben een trainer nodig die zij respecteren. Wees gul met lof wanneer het verdiend is.

Specifieke Gedragsregels (ter preventie van seksuele intimidatie):

  1. Veilige omgeving. De begeleider moet zorgen voor een omgeving en een sfeer waarbinnen de sporter zich veilig kan voelen.
    Waardigheid.
  2. De begeleider onthoudt zich ervan de sporter te bejegenen op een wijze die de sporter in zijn waardigheid aantast en verder in het privéleven van de sporter door te dringen dan nodig is in het kader van de sportbeoefening.
  3. Seksuele intimidatie. De begeleider onthoudt zich van elke vorm van (machts)misbruik of seksuele intimidatie tegenover de sporter.
  4. Seksueel misbruik. Seksuele handelingen en seksuele relaties tussen de begeleider en de jeugdige sporter tot achttien jaar zijn onder geen beding geoorloofd en worden beschouwd als seksueel misbruik.
  5. Aanraking. De begeleider mag de sporter niet op een zodanige wijze aanraken dat de sporter en/of de begeleider deze aanraking naar redelijke verwachting als seksueel of erotisch van aard zal ervaren zoals doorgaans het geval zal zijn bij het doelbewust (doen) aanraken van geslachtsdelen, billen en borsten.
  6. Intimiteiten. De begeleider onthoudt zich van (verbale) seksueel getinte intimiteiten via welk communicatiemiddel dan ook.
  7. Privéruimte. De begeleider zal tijdens training(stages), wedstrijden en reizen gereserveerd en met respect omgaan met de sporter en met de ruimte waarin de sporter zich bevindt, zoals de kleed- of hotelkamer. Bij risicogevoelige situaties (bijvoorbeeld wassen/douchen, uitkleden en slapengaan) zijn minstens twee leidinggevenden aanwezig. Indien er door omstandigheden maar één leidinggevende aanwezig kan zijn, dan moet ervoor gezorgd worden dat altijd meer dan één jongere aanwezig zal zijn.
  8. Bescherming. De begeleider heeft de plicht – voor zover in zijn vermogen ligt – de sporter te beschermen tegen schade en (machts)misbruik als gevolg van seksuele intimidatie. Daar waar bekend of geregeld is wie de belangen van de (jeugdige) sporter behartigt, is de begeleider verplicht met deze personen of instanties samen te werken opdat zij hun werk goed kunnen uitoefenen.
  9. Tegenprestaties. De begeleider zal de sporter geen (im)materiële vergoedingen geven met de kennelijke bedoeling tegenprestaties te vragen. Ook aanvaardt de begeleider geen financiële beloning of geschenken van de sporter die in onevenredige verhouding tot de gebruikelijke dan wel afgesproken honorering staan.
  10. Naleving. De begeleider zal er actief op toezien dat deze regels worden nageleefd door iedereen die bij de sporter is betrokken. Indien de begeleider gedrag signaleert dat niet in overeenstemming is met deze gedragsregels zal hij de daartoe noodzakelijke actie(s) ondernemen.
  11. Verantwoordelijkheid In die gevallen waarin de gedragsregels niet (direct) voorzien, ligt het binnen de verantwoordelijkheid van de begeleider in de geest hiervan te handelen.

Incidenten

Lichte overtredingen

Lichte en op zichzelf onschuldige overtredingen binnen een team, trainingsgroep of tijdens een toernooi moeten worden opgepakt en afgehandeld door de betreffende teams, trainers en toernooileiders. Mocht dit niet afdoende zijn dan dient het bestuur te worden ingeschakeld.

Onacceptabele gebeurtenissen

Indien zich onverhoopt onacceptabele gebeurtenissen voordoen, dan kan dit op twee manieren worden gemeld:

  1. Schriftelijk melden aan het bestuur dat, na hoor en wederhoor, passende maatregelen zal kunnen opleggen aan degene(n) die zich niet heeft/hebben gehouden aan de fatsoensnormen. Ook kan het bestuur zelf tot actie overgaan wanneer dit nodig wordt geacht.
  2. Indien gewenst, dan kan het incident, in plaats van bij het bestuur, ook gemeld worden bij één van de vertrouwenscontactpersonen van de vereniging (zie hieronder).

Ad 1) Werkwijze bij melding aan bestuur

a. Melding door betrokkene(n) of door derde(n) schriftelijk aan het bestuur
b. Uitvoering van het Protocol Ongewenst Gedrag door het bestuur, te weten:
1. Bestuur en betrokkene(n) informeren dat een incident is gemeld,
2. Feiten inventariseren en vastleggen,
3. Hoor en wederhoor toepassen,
4. Gevoerde gesprekken vastleggen en communiceren met betrokkenen,
5. Passende maatregel(en) bepalen,
6. Bestuur en betrokkene(n) informeren over passende maatregelen,
7. Alle gegevens betreffende het incident registreren in het dossier “Incidenten”.

Beroep aantekenen

Tegen het besluit van het bestuur kan/kunnen betrokkene(n) in beroep gaan door binnen één week nadat het besluit kenbaar is gemaakt, schriftelijk beroep aan te tekenen bij de voorzitter van het bestuur. Het bestuur zal dat beroep binnen 7 werkdagen behandelen. De uitspraak van het bestuur is bindend.

Ad 2) Werkwijze bij melding aan vertrouwenscontactpersoon

Mocht er een vermoeden of sprake zijn van grensoverschrijdend gedrag, neem dan contact op met de vertrouwenscontactpersoon van onze eigen tennisvereniging. Dit kan middels het sturen van een e-mail of telefonisch/via whatsapp. ATC Wijhe heeft twee vertrouwenscontactpersonen:

Jeroen de Croon, Tel: 06-48071481
Rianne Hogeslag, Tel: 06-28171653

Indien contact met een onbekend persoon veiliger voelt, dan kan er ook contact opgenomen worden met een vertrouwenscontactpersoon van een vereniging binnen de gemeente Olst-Wijhe. De vertrouwenscontactpersoon is het eerste aanspreekpunt en biedt de eerste opvang, zorgt voor doorverwijzing als dat nodig blijkt en ontwikkelt preventieve activiteiten om ongewenst gedrag te voorkomen.

 
224423
ATC Wijhe heeft twee vertrouwenscontactpersonen:

Indien contact met een onbekend persoon veiliger voelt, dan kan er ook contact opgenomen worden met een:

Download hieronder de volledige gedragscode.
 
Gedragscode

Wij gebruiken cookies om u de beste online ervaring te bieden. Door akkoord te gaan, accepteert u het gebruik van cookies in overeenstemming met ons cookiebeleid.